Kunst als medicijn

Wat als kunst niet alleen mooi, inspirerend of betekenisvol is, maar ook goed voor onze gezondheid? Dat is de centrale vraag in Kunst als medicijn – De wetenschap van kunst en gezondheid, het nieuwe boek van de Britse hoogleraar Daisy Fancourt.
Ik heb het boek de voorbije weken met veel interesse doorgenomen. En eerlijk gezegd: voor wie al langer bezig is met de relatie tussen kunst, cultuur, welzijn en gezondheid staat er heel wat herkenbaars in. Tegelijk geeft Fancourt iets belangrijks: een stevige wetenschappelijke onderbouw voor een intuïtie die veel kunstenaars, kunstliefhebbers, begeleiders en deelnemers al kennen.

Kunst als vijfde pijler van gezondheid.
We weten ondertussen dat gezondheid meer is dan de afwezigheid van ziekte. Toch denken we bij een gezond leven nog vaak aan dezelfde vertrouwde ingrediënten: gezond eten, voldoende bewegen, goed slapen en tijd nemen voor ontspanning. Fancourt voegt daar een vijfde pijler aan toe: kunst.
Op basis van duizenden wetenschappelijke onderzoeken brengt ze in kaart hoe verschillende vormen van kunstparticipatie samenhangen met onze lichamelijke, psychische en sociale gezondheid. Het gaat daarbij zowel om kunst beleven – bijvoorbeeld naar muziek luisteren, een dansvoorstelling bijwonen of een museum binnenstappen – als om zelf actief creatief bezig zijn. Dansen, zingen, schrijven, schilderen, muziek maken, theater spelen, maar ook veel minder voor de hand liggende creatieve activiteiten komen aan bod.
De effecten die Fancourt beschrijft zijn opvallend breed. Kunst kan onder meer bijdragen aan het verminderen van stress, angst, depressieve gevoelens, eenzaamheid en pijn. Er zijn ook aanwijzingen voor effecten op cognitieve gezondheid, herstel en lichamelijke gezondheid. Het gaat dus niet alleen over je ‘goed voelen’, maar over processen die verschillende systemen in ons lichaam en brein raken.
Kunst wordt in het boek niet gereduceerd tot ontspanning of een aangename vrijetijdsbesteding. Ze wordt bekeken als iets wat wezenlijk deel kan uitmaken van hoe mensen gezond blijven, herstellen en zich ontwikkelen.

Van kunst als luxe naar kunst als onderdeel van gezondheid.
Kunst wordt in onze samenleving nog vaak beschouwd als iets extra's. Iets wat fijn is als er tijd en geld voor is. Een museumbezoek, een concert, een dansles of een creatieve workshop komt gemakkelijk op de lijst van dingen die we doen als er nog ruimte over is. Maar wat als we die logica omdraaien? Wat als kunst en creativiteit geen luxe zijn, maar een wezenlijk onderdeel van een gezond leven?
Fancourt noemt kunst daarom een ‘vergeten vijfde pijler’ van gezondheid. Haar bedoeling is niet om kunst onder te brengen in een medisch model, maar net om ons begrip van gezondheid te verruimen. De kunsten kunnen volgens haar bijdragen aan preventie, herstel en welzijn, maar ook aan verbinding en participatie.
Fancourt benadrukt daarbij dat er niet één kunstvorm is die voor iedereen en voor alles ‘het beste’ werkt. Verschillende kunstvormen kunnen verschillende effecten hebben. Zo kan dans bijvoorbeeld bijzonder relevant zijn voor bewegingsgerelateerde problemen of mensen met een hersenletsel, terwijl andere kunstvormen andere mogelijkheden bieden. Voor mentale gezondheid blijken verschillende creatieve activiteiten vaak vergelijkbare voordelen te kunnen hebben.

En waar komt dans in dit verhaal?
Als je met dans bezig bent, is het misschien niet zo verrassend dat ook dans een belangrijke plaats krijgt in Fancourts verhaal. Dans brengt namelijk verschillende ingrediënten van kunst samen: beweging, muziek, ritme, verbeelding, expressie, creativiteit, zintuiglijke ervaring en vaak ook verbinding met anderen. Juist die combinatie maakt dans bijzonder interessant vanuit het perspectief van welzijn en gezondheid.
Fancourts betoog nodigt uit tot een andere manier van kijken naar dans. Niet alleen als podiumkunst. Niet alleen als sport. Niet alleen als hobby. En ook niet alleen als therapeutische interventie. Maar als een menselijke activiteit die op verschillende manieren kan bijdragen aan hoe we ons voelen, hoe we functioneren en hoe we ons verbinden met anderen.
Het gaat er niet om dat we van dans plots een medicijn moeten maken. Dans hoeft geen geneesmiddel te worden om een probleem te ‘fixen’. De waarde van dans zit juist ook in het feit dat we er als mens helemaal in kunnen stappen: met ons lichaam, onze zintuigen, onze emoties, onze verbeelding en onze relaties met anderen.

Niet goed kunnen dansen, maar mogen dansen.
Een ander aspect wat mij aanspreekt in Fancourts visie is dat de gezondheidswaarde van kunst niet noodzakelijk samenhangt met artistieke kwaliteit of prestatie. Je hoeft geen goede schilder te zijn om baat te hebben bij schilderen. Je hoeft geen muzikant te zijn om te zingen. En je hoeft al helemaal geen danser te zijn om te kunnen dansen.
In een interview naar aanleiding van haar boek benadrukt Fancourt dat het haar vooral gaat om de ‘werkzame ingrediënten’ van kunst: onder meer creativiteit, verbeelding, esthetiek en zintuiglijke prikkeling. Die kunnen aanwezig zijn in heel verschillende activiteiten.
Dat sluit sterk aan bij hoe ik zelf naar dans kijk. Dans hoeft niet te gaan over pasjes, techniek of prestatie. Het kan ook gaan over luisteren naar je lichaam. Over voelen wat er in je leeft. Over experimenteren. Over contact maken. Over ruimte innemen of net ruimte laten. Over plezier. Over expressie. Over even uit je hoofd komen en opnieuw ervaren wat er in je lijf gebeurt. En precies daarin kunnen dans & beweging een ingang zijn naar welzijn en gezondheid.

Dans, beweging, welzijn en gezondheid.
We hoeven dans niet eerst te bewijzen voordat we haar waarde mogen erkennen. Maar het is bijzonder waardevol dat de wetenschap steeds beter zichtbaar maakt wat er gebeurt wanneer mensen creëren, bewegen, spelen, luisteren, kijken en zich laten raken.
Voor mij is dit boek dan ook meer dan een interessant overzicht van wetenschappelijk onderzoek. Het is een uitnodiging om opnieuw na te denken over de plaats die kunst – en in het bijzonder ook dans – mag innemen in ons dagelijks leven, in het onderwijs, in de zorg en in onze kijk op gezondheid.
Met Move2Create wil ik blijven onderzoeken hoe dans & beweging kunnen bijdragen aan welzijn en gezondheid. Door de intrinsieke kracht van dansen, bewegen en creëren ruimte te geven.
✨ Een lichaam dat beweegt, voelt en waarneemt.
✨ Een mens die kan spelen, experimenteren en creëren.
✨ Een ontmoeting die ontstaat doordat we samen dansen.
✨ Een moment waarop je even vertraagt en opnieuw contact maakt met jezelf.
Dat zijn misschien geen spectaculaire gebeurtenissen. Maar ze kunnen wel betekenisvol zijn.
Laat ons dus niet te wachten tot we ons minder goed voelen om cultuur en creativiteit op te zoeken. Laat ons dansen gewoon deel uitmaken van een gezond leven, net als eten en slapen. Als iets wat ons mens-zijn mee voedt.
- 17 september 2026 -





Opmerkingen